
De halfzussen Elisabeth en Nanette Samson kochten in 1769 de plantage Belwaerde waarvan deze slaveninventaris is. Belwaerde was een koffieplantage. Koffie leverde in Europa veel geld op. Maar koffie was ook het koloniale product dat de meeste slavenarbeid eiste. De zusjes bezaten samen al andere plantages.
Van een voormalige slavin wordt wellicht verwacht dat zij zich zou afzetten tegen slavernij. De realiteit was echter anders. Slavernij was in die tijd een geaccepteerd systeem. Het bezit van tot slaaf gemaakten toonde de welvarendheid van de eigenaar.
Nanette bleek niet over hetzelfde zakeninstinct te beschikken als haar zus. Na Elisabeths dood in 1771 stak Nanette zich in de schulden die zij mede door de economische recessie van 1773 niet kon terug betalen. In 1778 werd Nanette failliet verklaard. Toch kon zij Belwaerder tot 1791 houden en werd ze tot haar dood “de rijke en vrije Nanette Samson” genoemd.
Staat en inventaris van de plantage Belwaerder. Gelegen aan de rivier Suriname aan de linkerzijde als de rivier wordt opgevaren. Tussen de plantages Clevia (ook van de zussen Samson) en Lust Rust. Van mejuffrouw Nanette Samson.
13 Cormantijn tuinier
14 Capteyn oud en afgeleefd
15 Jan Plaisier kostwachter (iemand die voedsel verzamelde, bewaarde en bewaakte) oud
16 Cracronia idem oud
17 Profijt kostwachter met boasie (huidziekte)
18 Charmoes oud kostwachter
22 Quamina “veldneger”
23 Restant delver
24 Daantje idem
25 Spadille delver
26 Manille idem
27 Basta idem
28 Ponto idem
29 Hamburg idem
15 Abramba met een dik been
16 Dina veldmeid
17 Toetoeba ziek met zweren
18 Princes veldmeid
19 Gringo idem
20 Cangranga idem
21 Johanna gezwollen
22 Clasina veldmeid
23 Philida idem
Recapitulatie
Mannen 55
Vrouwen 45
Jongens 24
Meisjes 22
Totaal: 146 koppen
De slaven zijn voorzien van hun juiste gereedschappen en ijzeren potten.
Archiefbank: Archief van de Commissarissen van de Desolate Boedelkamer
top